De Geschiedenis
De woonwijk Saron, die ook bekend staat als "Abrabroki" (aan de overkant van de "Purpangi" brug), onderging in de jaren 50 van de 20ste eeuw een grote uitbreiding.
Toen, na het dempen van de Domineekreek, de Willem Campagnestraat en de van 't Hogerhuysstraat als bijzondere verkeersadeers konden worden aangelegd en daardoor een betere verbinding met Paramaribo ontstond, werd het voor menigen aantrekkelijk om een stuk grond te saron te bemachtigen. De stichting "Kinderhuis Saron" trad daarbij als verkavelaar op, waarbij een deel van de percelen werd verkocht, een deel in erfpacht en een ander deel in huur werd gegeven.
Karateristieken van de wijk
Als woonwijk heeft Saron voornamelijk het karakter van een volkswijk. Daarmee wordt bedoeld, dat een groot deel van de bevolking tot de lagere sociale klasse van de samenleving behoort. Als indikaties kunnen worden genoemd:
- Een aanzienlijk aantal een-ouder gezinnen, waar meestal een vrouw aan het hoofd staat;
- Relatief veel mensen, die geen hogere opleiding dan de lagere school hebben, afwatering, in hygienische opzicht, zeer veel te wensen overlaat en een steeds toenemende verruwing van de criminaliteit
Positief, echter, is de grote mate van solidariteit die er in de bevolking te bespeuren valt. Zoals vele volkswijken is ook Saron een kinderrijke buurt.
Een van de problemen van de Surinaamse samenleving in het algemeen, en van de omgeving Abrabroki in het bijzonder, is dat de mensen geen optimaal gebruik maken van hun mogelijkheden. Op een, enige tijd geleden, door de Verenigde Naties gepubliceerde lijst neemt Suriname de 17de (zeventiende) plaats in voor wat rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen betreft. Op de lijst van welvarende landen van de IMF/Wereldbank echter, verkeert datzelfde Suriname in de kring der armste mogelijkheden. Het grote probleem schijnt te liggen in de wijze van het omgaan met de eigen mogelijkheden. Een kwestie dus van, enerzijds, instelling en mentaliteit en anderzijds van organisatie.
